Hoeveel contant geld moet er in jouw noodpakket?
Nick AlinkOp een maandagavond in augustus 2022 legt Martin in een Jumbo in Huizen zijn boodschappen op de band. Pas als hij wil afrekenen, blijkt dat pinnen niet lukt. Achteraf betalen kan niet, en contant geld heeft hij niet bij zich. Dus laat hij alles liggen en loopt hij naar een andere supermarkt. Die avond lag het pinsysteem ook plat bij Jumbo-filialen in Zwolle, Purmerend, Oude Pekela en nog een paar andere plaatsen.
Voor Martin was het een verlate avondmaaltijd en een extra omweg. Vervelend, maar niet erg. Toch laat zijn avond goed zien hoe het werkt: zolang de betaalautomaat doet wat hij moet doen, denk je er niet over na, en op het moment dat hij uitvalt, kun je er niets meer aan veranderen. In dit geval was het maar één supermarktketen en nog geen landelijke storing. Maar wat kan je doen als dat wél het geval is en het hele digitale betalingsverkeer er (tijdelijk) uit ligt? Precies daarom hoort er contant geld in je noodpakket. In deze blog lees je hoeveel, in welke biljetten en munten, waar je het bewaart en hoeveel contant geld je in huis mag hebben.
Hoeveel contant geld moet er in je noodpakket?
Het advies is helder: €70 per volwassene en €30 per kind, genoeg voor de eerste 72 uur na een ramp of noodsituatie. Dat bedrag komt van het Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer, waarin onder meer De Nederlandsche Bank, de banken, de winkeliers en het ministerie van Financiën samen afspraken maken over ons betalingsverkeer. Wij volgen dat advies, omdat het goed aansluit bij wat je in die eerste dagen echt nodig hebt: boodschappen, medicijnen bij de apotheek, brandstof of een rit met de bus of taxi.
Voor de meeste huishoudens komt dat neer op een overzichtelijk bedrag:
| Huishouden | Contant geld voor 72 uur |
|---|---|
| 1 volwassene | €70 |
| 2 volwassenen | €140 |
| 1 volwassene en 2 kinderen | €130 |
| 2 volwassenen en 1 kind | €170 |
| 2 volwassenen en 2 kinderen | €200 |
| 2 volwassenen en 3 kinderen | €230 |
Heb je een huisdier, een baby of medicijnen die je zelf moet bijbetalen, tel dan iets bij het bedrag op. De Nederlandsche Bank noemt dat ook: het richtbedrag is een startpunt dat je aanpast aan je eigen situatie. Houd het wel bij een buffer voor een paar dagen. Een paar honderd euro is voor een gezin ruim voldoende, en elke extra stapel biljetten in huis is vooral iets wat je kunt verliezen bij brand of inbraak.
Waarom contant geld in een noodpakket hoort
We betalen bijna alles met een pas of telefoon, en dat gaat bijna altijd goed. Daardoor voelt contant geld in huis al snel overbodig, en dat is ook logisch zolang je nooit een storing van dichtbij hebt meegemaakt. Het betalingsverkeer hangt alleen wel af van stroom, internet en een keten van systemen tussen jouw pas en de bank, en als één schakel uitvalt, sta je met een volle winkelmand bij de kassa.
En het gebeurt ook echt. Op 16 mei 2024 viel rond zes uur 's avonds in heel Nederland een deel van het pinverkeer weg. Volgens de Betaalvereniging ging het om 30 tot 40 procent van de pinbetalingen in winkels, en het duurde ongeveer twee uur voor alles weer werkte. In die tijd stonden mensen in de rij bij de geldautomaat, zodat ze hun boodschappen alsnog contant konden betalen.
Een grote stroomstoring maakt het nog lastiger, want dan doen ook veel geldautomaten het niet meer. Toen op 28 april 2025 in Spanje en Portugal de stroom uitviel, lag het elektronisch betalen urenlang stil. Volgens de Spaanse centrale bank raakten sommige geldautomaten leeg, en vielen andere uit terwijl er nog geld in zat, omdat ze geen accu of netwerkverbinding hadden. Wie toen contant geld in huis had, kon gewoon boodschappen doen bij de winkels die nog open waren.
Contant geld zit niet standaard in onze noodpakketten, en dat heeft een simpele reden: dan zouden we er bijvoorbeeld €70 bij moeten doen en werd elk pakket €70 duurder. Maar in een noodsituatie heb je dat geld wel nodig. Het is ook een van de dingen die we in zelf samengestelde noodpakketten het vaakst zien ontbreken, net als een lijst met telefoonnummers en adressen. Bijna nooit uit onwil, meestal omdat het er gewoon niet van komt.
Kleine biljetten en een handvol munten
Tijdens een storing heeft een winkel vaak weinig wisselgeld, en een biljet van €50 voor een brood en een pak melk levert dan vooral een probleem op. Zorg daarom dat je zoveel mogelijk gepast kunt betalen. De Nederlandsche Bank adviseert verschillende biljetten met een lage waarde en zo'n 50 euromunten van verschillende waarde, zodat ook de ondernemer genoeg wisselgeld in de kassa houdt.
Voor één volwassene ziet €70 er dan bijvoorbeeld zo uit: een biljet van €20, twee van €10 en twee van €5, samen €50, en daarnaast ongeveer €20 aan munten van €2, €1, 50 cent en kleiner. Voor een kind van €30 werkt een biljet van €10, twee van €5 en €10 aan munten prima. Grote biljetten van €100 of meer laat je weg, want die worden in veel winkels niet eens aangenomen.
Aan munten kom je het makkelijkst door je wisselgeld een paar weken apart te houden. Dat is meteen het mooie van dit advies: je hoeft niet vandaag naar de bank. De Nederlandsche Bank raadt zelf aan om het bedrag in een paar maanden rustig op te bouwen.
Hoeveel geld mag je in huis hebben?
Dit is de vraag die veel mensen zich stellen zodra ze contant geld gaan bewaren, en het antwoord is geruststellend: in Nederland bestaat er geen wettelijk maximum voor contant geld in huis. Je noodgeld van €70 per volwassene valt bovendien ruim onder de grens waarboven de Belastingdienst er iets van vindt.
Die grens ligt bij de vrijstelling voor contant geld in box 3. Voor de aangifte over 2025 is dat volgens de Belastingdienst €661 per persoon, of €1.322 samen met een fiscale partner. Heb je op 1 januari meer contant geld en cadeaubonnen dan dat bedrag, dan geef je alleen het deel daarboven op in box 3. De bedragen veranderen per jaar, dus kijk bij je aangifte even op de site van de Belastingdienst.
| Hoeveel contant geld | Wat betekent dat? |
|---|---|
| Noodgeld van €70 per volwassene en €30 per kind | Ruim onder de vrijstelling, je hoeft er niets mee te doen |
| Meer dan €661 per persoon (aangifte 2025) | Het deel boven de vrijstelling geef je op in box 3 |
| Duizenden euro's | Mag, maar dan kan de vraag komen waar het geld vandaan komt, en bij brand of inbraak ben je veel kwijt |
| €10.000 of meer mee over de grens van de EU | Dan meld je het bij de Douane |
Voor een noodpakket speelt de belasting dus geen rol. Die regels worden pas belangrijk als je structureel grote bedragen thuis bewaart, en dat raden we juist niet aan.
Waar bewaar je je noodgeld?
Het liefst bewaar je je contante geld bij je noodpakket, in een waterdichte zak samen met je andere belangrijke documenten, zoals een kopie van je identiteitsbewijs en je lijst met telefoonnummers. Dan heb je alles bij elkaar als je het nodig hebt, en blijft het droog als er water in huis komt. Een waterdichte documententas is daar handig voor. Welke papieren je verder bij elkaar zet, lees je in onze blog over belangrijke documenten waterdicht bewaren.
Vertel je huisgenoten waar het geld ligt en spreek af waarvoor het bedoeld is. Het heeft weinig zin als alleen jij weet waar het noodgeld zit terwijl jij op dat moment op je werk bent. En als iedereen weet dat het geld voor noodgevallen is, voorkom je dat het ongemerkt opgaat aan de pizzabezorger of het schoolreisje.
Kijk daarnaast even in de voorwaarden van je inboedelverzekering. Veel polissen vergoeden contant geld bij inbraak of brand maar tot een bepaald bedrag, en dat verschilt per verzekeraar. Zo weet je waar je aan toe bent.
Zo regel je je noodgeld in een paar stappen
- Reken je bedrag uit: €70 per volwassene en €30 per kind, plus iets extra voor een huisdier of eigen medicijnen.
- Spaar een paar weken je wisselgeld op en wissel grote biljetten om voor briefjes van €5, €10 en €20.
- Stop het geld in een waterdichte zak bij je noodpakket, samen met je belangrijke documenten.
- Zet in je noodplan waar het ligt en wie het mag gebruiken.
- Controleer het één keer per jaar, op hetzelfde moment dat je de houdbaarheid van je noodvoorraad nakijkt.
Een handige tip: stop er een briefje bij met de datum waarop je het geld hebt klaargelegd, hoeveel het is en voor hoeveel mensen het bedoeld is. Geld bederft niet, maar je situatie verandert wel. Er komt een kind bij, er gaat een tiener het huis uit, of je hebt er in een krappe maand toch iets uit gepakt. Met dat briefje zie je bij je jaarlijkse controle in één oogopslag of het nog klopt. Wil je dat noodplan op papier hebben, gebruik dan ons persoonlijke noodplan.
Contant geld is één onderdeel van je noodpakket
Geld helpt alleen als er ook iets te koop is. Bij een langdurige stroomuitval gaan veel winkels dicht, omdat de kassa's, de koeling en de verlichting het niet meer doen. Daarom adviseert Denk Vooruit om je voor te bereiden op minimaal 72 uur zonder stroom, water of internet, en wij raden aan om het liefst een week vooruit te kunnen. Je contante geld maakt je noodpakket compleet, het vervangt het niet.
Denk dus ook aan drinkwater, houdbaar eten, je eigen medicijnen, verlichting en een radio die zonder stroom werkt, zodat je de calamiteitenzender kunt ontvangen als het mobiele netwerk eruit ligt. Hoe je je verder voorbereidt, lees je in onze gids over voorbereiden op stroomuitval, en welke radio bij jou past, staat op onze pagina over de beste noodradio.
Wil je weten wat er in jouw pakket nog ontbreekt, loop dan onze gratis checklist na. Wil je het in één keer goed regelen, dan zijn onze complete noodpakketten samengesteld volgens het Denk Vooruit-advies. Zelf voeg je daar je contante geld, je documenten en je eigen medicijnen aan toe.
Begin vanavond met het makkelijkste deel: leg een potje of envelop klaar voor je wisselgeld. Over een paar weken heb je je noodgeld bij elkaar, zonder dat je er iets voor hebt hoeven doen.