Hoe maak je een noodplan?
Nick AlinkJe telefoon trilt en maakt een hard, schel geluid. Een NL-Alert: in de buurt is een grote brand, sluit ramen en deuren en zet de ventilatie uit. De ramen zijn zo dicht. Maar de ventilatie? Je loopt naar de bediening in de gang, drukt op een knop en hoort het systeem gewoon doorzoemen. Zit er nog een schakelaar op zolder? In de meterkast?
Toen ik zelf mijn noodplan invulde, kwam ik bij die vraag en wist ik het antwoord niet. Hoe zet je de ventilatie in je eigen huis uit? Stom eigenlijk, want het is iets wat je in vijf minuten uitzoekt. Maar ik had het nooit uitgezocht, omdat er nooit een reden voor was. Daarvoor is een noodplan: het haalt de vragen naar boven die je anders pas stelt als het al spannend is.
Wij hebben bij Rampready een gratis format voor een persoonlijk noodplan gemaakt. Hieronder lopen we het pagina voor pagina met je door: wat je invult, waarom het ertoe doet en waar je op let. Pak het format erbij, dan schrijf je meteen mee.
Waarom je een noodplan op papier zet
De meeste gezinnen hebben ergens wel een idee van wat ze zouden doen bij brand of een lange stroomstoring. Dat is logisch: je kent je huis en je kent elkaar. Alleen staat dat idee in ieders hoofd een beetje anders. De een denkt dat jullie elkaar bij de school treffen, de ander bij oma. En zolang niemand het hardop uitspreekt, merk je ook de verschillen niet.
Een noodplan is daarom een concreet document en niet alleen een paar afspraken in je hoofd. Het laat je stilstaan bij dingen die zo vanzelfsprekend zijn dat je er nooit over nadenkt: water uit de kraan, een telefoon die altijd werkt, een deur die gewoon opengaat. Wat gebeurt er als dat even wegvalt? Dat is vaak een realisatiemoment. Door het in een format te gieten wordt het onderwerp niet te groot, maar behapbaar.
De overheid ziet dat ook. De campagne Denk Vooruit noemt drie stappen om je voor te bereiden: een noodpakket, een noodplan en met elkaar praten. Na de campagne van eind 2025 is het aantal Nederlanders met een noodplan verdubbeld. Een mooi begin, maar het betekent ook dat veel huishoudens er nog geen hebben.
Een noodplan maken: zo ziet het format eruit
Het format telt acht pagina's. Je hoeft ze niet in één keer perfect in te vullen, maar het helpt om te weten wat je te wachten staat.
| Pagina | Wat vul je in? |
|---|---|
| 1. Bewoners en adres | Je adres, de gegevens van iedereen in huis en je huisdieren |
| 2. Bewoners vervolg | Alleen nodig als je met meer dan vier personen bent |
| 3. Onderlinge afspraken | Hoe jullie elkaar vinden, wie de kinderen ophaalt en wie extra hulp nodig heeft |
| 4. Mijn omgeving | Risico's in je buurt, vluchtwegen, belangrijke plekken en de calamiteitenzender |
| 5. Veiligheid in huis | Water, gas, ventilatie en stroom afsluiten, rookmelders, noodpakket en EHBO-set |
| 6. Overige zaken | Belangrijke telefoonnummers en een checklist voor je telefoon en je voorbereiding |
| 7. Medicijnenlijst | Wie welke medicijnen gebruikt en hoe vaak |
| 8. Notities | Ruimte voor alles wat er verder bij jullie hoort |
Reken op één avond. Hoe snel het gaat, hangt af van hoe snel je werkt en of je er thuis al over gepraat hebt. Liggen de afspraken eigenlijk al vast, dan schrijf je ze alleen op. Moet je overal nog samen over praten, dan duurt het langer, maar juist dat gesprek levert het meeste op.
Pagina 1 en 2: wie woont er in huis?
Je begint met je adres en woonplaats. Dat voelt overbodig, want je weet toch waar je woont? Maar in een stressvolle situatie kunnen zelfs de meest voor de hand liggende dingen even wegvallen. En het noodplan is ook bruikbaar voor iemand anders: een oppas, een logé of een hulpverlener die je woning binnenkomt, ziet in één oogopslag bij wie en waar hij is.
Daarna vul je per bewoner de voornaam, achternaam, geboortedatum, het telefoonnummer, het paspoortnummer en het BSN in. Dat is informatie die je soms even moet zoeken, maar die snel bij de hand is als hij op papier staat. Moet je overhaast weg, of moet je ergens je gegevens doorgeven zonder dat je bij je documenten kunt, dan heb je houvast.
Onderaan pagina 1 staan je huisdieren: of je ze hebt, hoeveel en welke soort, met hun naam erbij. Huisdieren vragen in een noodsituatie extra aandacht, omdat ze volledig afhankelijk zijn van jouw beslissingen. Pagina 2 vul je alleen in als je met meer dan vier personen in huis woont. Met een kleiner gezin print je hem gewoon niet uit.
Pagina 3: de afspraken die je samen maakt
Dit is de pagina waar je het meest aan hebt, en ook de pagina die je niet alleen kunt invullen. Hier leg je vast wat jullie doen als er iets gebeurt terwijl je niet bij elkaar bent. Neem er de tijd voor, aan de keukentafel, met iedereen die in huis woont.
Als je elkaar niet kunt bereiken
De eerste vraag op het format is wat jullie afspreken als internet of telefonie niet werkt. Dat is minder vergezocht dan het klinkt: bij een lange stroomstoring vallen mobiel internet en bellen na een tijdje ook uit. Wie dan geen afspraak heeft, gaat zoeken. Spreek daarom drie ontmoetingsplaatsen af:
- Direct buiten je woning. Hier verzamelen jullie als je bij brand snel naar buiten moet. Maak het concreet: niet "voor het huis", maar "bij de lantaarnpaal op de hoek".
- In de wijk. Voor als je je huis niet in kunt en elkaar ook niet thuis treft, bijvoorbeeld bij de ingang van de school of het buurthuis.
- Buiten je woonplaats. Voor als je hele buurt geëvacueerd wordt. Vaak is dat het huis van familie of vrienden.
Die laatste plek hangt samen met je contactpersoon buiten de regio. Spreek minstens één persoon af die niet bij jou in de buurt woont. Wordt jouw regio ergens door getroffen, door een overstroming, een grote brand of een langdurige storing, dan is dat iemand bij wie je terechtkunt en met wie je contact houdt. Vraag het wel even van tevoren, zodat diegene weet dat hij of zij in jullie noodplan staat.
Als de kinderen opgehaald moeten worden
Het format vraagt het rechtstreeks: als de kinderen opgehaald moeten worden, wie doet dat? Stel je voor dat je op je werk bent, je telefoon het niet doet en je partner ook onbereikbaar is. Wie gaat er dan naar school? Zonder afspraak gaan jullie er misschien allebei heen, of allebei niet.
Wie heeft extra hulp nodig?
Daarna gaat het over de mensen die afhankelijk zijn van anderen. Heeft iemand in huis medicijnen of medische hulpmiddelen nodig? Zorg je voor je ouders of een ander familielid? Spreek af wie er naartoe gaat, of wie belt. Woon je ver van je ouders, bespreek dan wat jullie doen als landelijk de stroom uitvalt: ga je naar ze toe, of vraag je hun buren om even langs te gaan?
Ook hier vul je in hoe je je huisdieren meeneemt: wie pakt de reismand, wie de riem en het voer?
Je buurt
De volgende vraag gaat verder dan je eigen gezin: welke mensen in je buurt hebben mogelijk hulp nodig bij een noodsituatie? Denk aan een buurvrouw die alleen woont en slecht ter been is. Veel mensen weten eigenlijk niet goed wie er bij hen in de straat woont. Dit is een mooie aanleiding om dat te veranderen, want in een noodsituatie heb je elkaar hard nodig. Meer daarover lees je in onze blog van zelfredzaamheid naar samenredzaamheid.
Onderaan staat ruimte voor andere afspraken. Wat jullie daar opschrijven, is aan jullie.
Pagina 4: wat er om je huis heen speelt
Op deze pagina kijk je naar je omgeving. Je begint met drie risico's die per regio verschillen: aardbevingen, overstromingen en natuurbranden. Kruis aan of ze bij jou spelen. Of jouw woning kan overstromen en hoe hoog het water dan komt, zie je op overstroomik.nl. Zit er zware industrie bij je in de buurt, dan vind je dat op risicokaart.nl. Dat is geen geheim en het hoort ook in je noodplan.
Daarna volgen de vluchtwegen en belangrijke plekken:
- Waar gaan jullie heen als je uit huis moet?
- Waar zijn de (nood)uitgangen van je woning of complex, en kan iedereen ze bereiken en gebruiken?
- Waar hangt de dichtstbijzijnde AED?
- Waar is de dichtstbijzijnde brandweerkazerne, en waar het ziekenhuis?
- Waar is het dichtstbijzijnde noodsteunpunt? Dat is een herkenbare plek in je buurt, zoals een buurthuis of sporthal, waar je bij een grote storing terechtkunt voor informatie en hulp, en waar je een noodgeval kunt melden als je 112 niet kunt bellen. Nog niet elke regio heeft ze; laat het open als er bij jou nog geen is.
Vul dit niet alleen vanaf de bank in. Het is veel waardevoller om echt even te gaan kijken. Weet je nog hoe je bij de brandweerkazerne komt als je navigatie het niet doet? Woon je in een flat, kun je dan ook via de trap naar beneden als het trappenhuis donker is? Je ontdekt dingen die je op papier mist. Zorg ook dat er van elke verdieping twee wegen naar buiten zijn, en dat die vrij blijven van fietsen, dozen of een kinderwagen. Neem bij brand altijd de trap en nooit de lift.
Onderaan pagina 4 schrijf je de frequentie van je calamiteitenzender op, voor FM en voor DAB+, en de naam van je regionale omroep. Via die zender krijg je bij een ramp informatie van de overheid, ook als internet en televisie wegvallen. Je hebt er een radio voor nodig die zonder stroomnet werkt. Welke zender bij jou hoort, lees je in ons overzicht van calamiteitenzenders per provincie. Koop je bij ons een noodradio, dan krijg je er een overzicht van de calamiteitenzenders in jouw regio gratis bij. Stel de juiste zender vooraf in, dan hoef je niet te zoeken als het nodig is.
Pagina 5: weet je hoe je huis werkt?
Hier kwam ik zelf de ventilatie tegen. Het format vraagt hoe je vier dingen afsluit of uitschakelt: het water, het gas, de ventilatie en de stroom. Schrijf het kort en krachtig op, bijvoorbeeld "hoofdkraan in de meterkast, linksom dichtdraaien". En doe het daarna echt een keer. Opzoeken, opschrijven en direct proberen zorgt ervoor dat het blijft hangen.
De ventilatie is niet zomaar een vraag. Bij een grote brand of een chemisch incident krijg je vaak een NL-Alert met de instructie om ramen en deuren te sluiten en de ventilatie uit te zetten. Bij gaslucht in huis is het juist andersom: dan zet je ramen en deuren open en ga je naar buiten. Hoe je dat aanpakt, lees je in onze blog over een gaslek in huis herkennen.
Daaronder gaat het over toegang en beveiliging. Hoe werkt je alarmsysteem? En hoe krijg je een elektrische poort, deur, rolluik of slot met de hand open als de stroom weg is? Wie een elektrisch rolluik voor de achterdeur heeft, wil dat liever weten voordat hij die deur als vluchtweg nodig heeft.
Dan de veiligheidsapparatuur. Je schrijft op waar je rookmelders hangen en wanneer je ze voor het laatst hebt getest. Sinds 1 juli 2022 is minimaal één werkende rookmelder per verdieping verplicht. Hetzelfde doe je voor je CO-melders. Een CO-melder (koolmonoxidemelder) is verstandig bij een cv-ketel, kachel of andere verbrandingsinstallatie, want koolmonoxide ruik en zie je niet.
Als laatste noteer je waar je noodpakket en je EHBO-set liggen, wanneer je het noodpakket op compleetheid hebt gecontroleerd en tot wanneer de producten in je EHBO-set houdbaar zijn. Heb je nog geen noodpakket, of weet je niet zeker of het compleet is? Loop dan onze noodpakket-checklist langs. Wat er in een goede EHBO-set hoort, lees je in wat zit er in een goede EHBO-set.
Pagina 6: nummers en een checklist voor je telefoon
Op pagina 6 staan de belangrijke telefoonnummers. Twee staan er al: het alarmnummer 112 en het Nationaal Storingsnummer gas en stroom, 0800-9009. Daaronder vul je de rest aan: je huisarts, je buren, en verder wie voor jullie belangrijk is. Denk aan de apotheek, de huisartsenpost, de school van de kinderen, je verzekeraar en familie of vrienden die jou kunnen helpen of die jij moet helpen.
Zet er ook de adressen bij. Normaal zoek je een adres even op je telefoon op, maar als die leeg is of het netwerk het niet doet, heb je niets. En ken jij nog veel telefoonnummers uit je hoofd? Daarom staan ze ook op papier.
Onder de nummers staat een checklist. De meeste punten regel je in een paar minuten:
- NL-Alert ingeschakeld. Kijk in de instellingen van je telefoon of noodmeldingen aanstaan.
- 112-app gedownload. Zet de 112NL-app op je telefoon.
- Medisch ID ingevuld. In de instellingen van je telefoon kun je medische gegevens zetten, zoals allergieën en medicijnen. Zet je aan dat ze op het vergrendelscherm zichtbaar zijn, dan kunnen hulpverleners ze lezen zonder je telefoon te ontgrendelen.
- ICE-contact opgeslagen. ICE staat voor In Case of Emergency, in geval van nood. Sla de persoon die gebeld moet worden op onder "ICE", dan weet iedereen wie hij moet bellen.
- Online toegang tot je verzekeringspolissen. Moet je na een brand of wateroverlast je verzekeraar bellen, dan wil je niet eerst je wachtwoord moeten opvragen.
- Noodpakket compleet en up-to-date, het noodplan ingevuld en op een vaste plek, en iedereen in huis weet waar het noodplan en het noodpakket liggen.
Pagina 7 en 8: medicijnen en notities
Op pagina 7 schrijf je per persoon op welke medicijnen hij of zij gebruikt en hoe vaak. Zet er de dosering, de voorschrijvende arts en de plek waar de extra voorraad ligt bij. Dan kan ook iemand anders de medicijnen vinden en geven als dat nodig is. Werk de lijst bij na elk doktersbezoek waarbij er iets verandert.
Wij adviseren een voorraad van je eigen medicijnen voor minimaal een week. Bespreek met je arts, apotheker of medisch specialist of dat voor jouw medicijnen kan en hoe je ze bewaart.
Pagina 8 is voor notities. Gebruik hem voor wat er nergens anders past: de adressen van familie bij wie je terechtkunt, waar de reservesleutels liggen, of een kleine plattegrond van je huis met de uitgangen en de meterkast.
Een noodkaart voor de kinderen
Een noodplan in de meterkast helpt een kind dat op school is niet. Maak daarom voor elk kind een kleine noodkaart: hun naam, de telefoonnummers van jullie en van de contactpersoon buiten de regio, en de ontmoetingsplaatsen. Een kaartje in de schooltas of in een jaszak is genoeg. Kinderen kunnen er zelf aan meehelpen, en dat helpt: kinderen vinden het fijn om iets te doen, en het geeft ze duidelijkheid. Voor kleine kinderen kun je een eigen noodtasje maken, met een paar spulletjes en een favoriete knuffel.
Waar bewaar je je noodplan?
Ons noodplan hangt in de meterkast. Daar ga je toch al naartoe als je het water, het gas of de stroom moet afsluiten, en daar heb je de antwoorden van pagina 5 dan ook bij de hand. De koelkast met een magneet werkt ook, net als de gangkast. Hang het alleen niet voor het raam, want je gegevens zijn niet voor voorbijgangers bedoeld. Waar het hangt maakt niet zoveel uit, zolang iedereen in huis weet waar.
Bewaar je noodplan op papier én digitaal. Leg een kopie bij je noodpakket en geef een kopie aan je contactpersonen, zodat zij ook weten wat jullie hebben afgesproken. Dat adviseert Denk Vooruit ook.
Zo houd je je noodplan actueel
"Mensen vergeten het gewoon. En dat is heel onhandig. Want als je het af en toe bijhoudt, is het aantal veranderingen veel kleiner én onthoud je ook beter wat er in het noodplan staat." Dat zie ik keer op keer. Een telefoonnummer verandert, de kinderen gaan naar een andere school, je ouders verhuizen of je huis gaat van het gas af. Allemaal kleine dingen, maar na twee jaar klopt de helft niet meer.
Koppel de controle daarom aan een vast moment. Wij controleren ons noodplan, ons noodpakket en onze noodvoorraad op 1 februari en 1 juli, en soms bij het verzetten van de klok. Kies wat bij jou past, zet het in je agenda en houd het vol. Een plan dat je twee keer per jaar naloopt, is meer waard dan een perfect plan dat al jaren in de la ligt. Hoe je dat combineert met je noodpakket, lees je in hoe onderhoud je je noodpakket.
Oefenen hoeft geen toneelstuk te zijn
Elke vorm van oefenen is goed. Het is al een keer vaker dan wat je normaal zou doen. Het begint met het gesprek aan de keukentafel: wat doen we als het brandt terwijl we aan het eten zijn? Hoe vinden we elkaar als niemand kan bellen? Je ontdekt gaten in je plan, en vaak ook oplossingen waar je zelf niet op was gekomen.
Wil je een stap verder gaan, loop dan eens de vluchtroute van je huis naar de eerste ontmoetingsplaats, en doe dat 's avonds met de lichten uit. Wij merkten daarbij hoe onhandig het is als je niet goed kunt zien. Sindsdien ligt er bij ons op elke verdieping een lichtbron. Je kunt ook de stroom een tijdje uitzetten om te merken waar je tegenaan loopt, of een avond koken en verlichten met wat er in je noodpakket zit.
Gebruik je bij een oefening iets uit je noodpakket, vervang het dan of leg het volledig en opgeladen terug. Een powerbank die na de oefening leeg in de kast ligt, heb je bij een echte storing niet.
Met kinderen maak je er een spel van: wie vindt in het donker het snelst de achterdeur, wie kan vertellen waar we elkaar treffen? Leer ze daarbij drie dingen: blijf laag als er rook is, ga naar de afgesproken plek buiten en ga nooit meer terug naar binnen, ook niet voor de knuffel. Als je spelenderwijs oefent, is de overgang naar een echte situatie kleiner, omdat iedereen zijn taak al kent.
Veelgestelde vragen over een noodplan
Wat is het verschil tussen een noodplan en een noodpakket?
Een noodpakket bevat de spullen waarmee je de eerste dagen zelf vooruit kunt: water, eten, licht, een noodradio en EHBO. Een noodplan bevat de afspraken en de informatie: wie wat doet, waar je elkaar treft en hoe je huis werkt. Je hebt ze allebei nodig. Wat er in een noodpakket hoort, lees je in wat zit er in een noodpakket.
Hoe lang duurt het om een noodplan te maken?
Ongeveer één avond. Heb je thuis al eens over noodsituaties gepraat, dan gaat het sneller. Is het voor jullie nieuw, dan kost het gesprek meer tijd, maar dat gesprek is ook het waardevolste deel.
Moet ik het format van Rampready gebruiken?
Nee, een noodplan op een blanco vel werkt ook. Het voordeel van een format is dat het de vragen voor je stelt. Bij het invullen vergeten mensen eigenlijk niets, en dat is het mooie ervan.
Hoe vaak controleer ik mijn noodplan?
Minstens twee keer per jaar, en meteen als er iets verandert: een verhuizing, een nieuw telefoonnummer, een nieuwe school of een nieuw medicijn.
Wij hebben geen kinderen. Heb ik dan ook een noodplan nodig?
Ja. Ook als je alleen of met z'n tweeën woont, wil je weten hoe je het gas afsluit, wie je belt als je telefoon leeg is en welke buren jouw hulp nodig hebben. Woon je alleen, dan is je contactpersoon buiten de regio extra belangrijk. Meer tips voor jouw situatie lees je in noodpakket voor jouw situatie.
Begin vanavond met je noodplan
Een noodplan hoeft niet perfect te zijn om waardevol te zijn. Het grootste effect zit niet in het papier, maar in het gesprek dat je erover voert. Je kijkt anders naar je huis, naar je dagelijkse gewoontes en naar elkaar, en je neemt veel dingen wat minder voor lief.
Download ons gratis noodplan, print het uit en vul vanavond de eerste pagina's in. Begin met de ontmoetingsplaatsen en je contactpersoon buiten de regio. En weet je nog niet hoe je de ventilatie in jouw huis uitzet? Zoek het dan ook meteen even uit.